Organisatie van Zelfwerkzaamheid via het Huishoudelijk Reglement

 

Vereniging 2012 in Rotterdam is een vereniging die de organisatie van haar grootschalig onderhoud via het huishoudelijk reglement heeft vastgelegd. Dit is een mooi voorbeeld van hoe onderlinge verplichtingen over zelfwerkzaamheid vastgelegd kunnen worden. Vandaar dat we hier de achtergrond van het project en het reglement van de vereniging opnemen. Met dank aan Jan Jongert, 2012 architecten.

 

 

VERENIGING 2001

Mei 1996 kregen de bewoners van de Rotterdamse Gerard Scholtenstraat te horen dat zij hun huizen moesten verlaten omdat deze plaats zouden maken voor nieuwbouw. De bewoners verzochten daarop de gemeente een alternatief voor deze nieuwbouw te mogen maken.

Hoewel de gemeente Rotterdam de locatie had aangewezen om meer hoge inkomensgroepen in de wijk te brengen, leefde er op dat moment ook sterk de vraag naar nieuwe, sociale stadsvernieuwingsinitiatieven.  De bewoners, die zich als gemotiveerde groep presenteerden, kregen 15 jaar de tijd voor hun experiment.  In december 1997 werden de handtekeningen gezet onder een zelfbeheerproject dat door het leven gaat als '2012'.

 

technische staat

Een belangrijke rationele factor voor het slagen van een dergelijk project is de mate waarin technische gebreken kunnen worden verholpen. Voor de Gerard Scholtenstraat was de slechte fundering de belangrijkste reden tot sloop. In metingen was duidelijk geworden dat sommige paalkoppen door wisselende grondwaterstand waren gaan rotten. Het advies van het in funderingen gespecialiseerde bureau Bresser gaf bij dit project de doorslag; door alleen onder de voorgevel de fundering te verbeteren werd het project politiek haalbaar: Ten eerste was de garantie op stabiliteit op die manier gegarandeerd voor 15 jaar waardoor het project een tijdelijk experiment werd (na die periode kan zij dan alsnog voor nieuwbouw in aanmerking komen).  Ten tweede werd verdere aantasting van het straatbeeld voorkomen doordat de voorgevels niet verder zullen verzakken.

Dit funderingsherstel was de basis van een verbeterplan; in drie jaar zouden alle gebreken aan het casco worden verholpen.

 

de organisatie

Gedurende de opzet van het project is er steeds naar gestreefd om alle bewoners zo zelfstandig mogelijk te laten wonen; zoals eigenaren van een huis maar dan voor 15 jaar. Dit betekent dat er een vereniging van eigenaren werd opgericht. Deze vereniging beheert de panden voor de duur van het project maar bemoeit zich alleen met de contractueel verplichte zaken zoals onderhoud van het casco, overleg en financiën.

De gedachte achter deze zelfstandigheid was dat als zo weinig mogelijk gemeenschappelijk geregeld zou worden, dit ook minder gemeenschappelijke problemen zou opleveren en de zelfstandigheid het grootst. Dit betekent dat behalve bij het opknappen, gemeenschappelijke activiteiten een persoonlijk initiatief moeten zijn en niet vanuit de vereniging worden opgezet.  Dit garandeert een zo groot mogelijke betrokkenheid.

 

gebruiksrecht

De panden werden door de vereniging verdeeld in eenheden. Iedere eenheid heeft een aandeel.  Voor een vast bedrag per aandeel kun je zo het gebruiksrecht van een of meerdere eenheden kopen. Het aandeel wordt over 15 jaar afgeschreven wat betekent dat het bij verkoop ieder jaar één vijftiende in waarde afneemt. Met de aankoopbedragen worden de ingrepen aan het casco bekostigd.

 

huishoudelijk reglement 2012

 

Het uitgangspunt van de vereniging was het behouden van de panden met lage woonlasten en zo veel mogelijk vrijheid voor iedereen. De vrijheid heeft het OBR als contractpartner aan banden gelegd door ons verplichtingen op te leggen ten aanzien van het onderhoud van de panden. In een verbeteringsplan hebben wij ons verplicht fundering, voor-, achtergevel en dak eerst op te knappen en 15 jaar goed te onderhouden. Naast deze verplichting willen wij onze leden zoveel mogelijk zelf verantwoordelijkheid laten dragen. Onze vereniging moet alleen regelen wat strikt noodzakelijkheid is en de rest overlaten aan de individuele leden. Zelfwerkzaamheid is in dit kader geen doel op zich maar het middel om tegen lage lasten toch aan de verbeteringsverplichtingen te voldoen.

 

ORGANISATIE

1.1       voor het uitvoeren en/of begeleiden van de onderhoudswerkzaamheden stelt de vereniging één of meer ploegen in die verantwoordelijk zijn voor de materiaalaanschaf, overleg met aannemers en de coördinatie van de zelfwerkzaamheid. De onderhoudsploegen stellen voor hun specifieke onderhoudstaak een begroting en een tijdsplanning op en leggen deze voor aan de ledenvergadering. Uitvoering geschiedt pas na goedkeuring door de ledenvergadering.

1.2.      voor het opstellen van de exploitatierekening en de verdere boekhouding kiest de algemene ledenvergadering één van haar leden of besteedt de taak uit aan een externe boekhouder.

1.3.      om de veiligheid bij verbouwingen die de leden individueel uit willen voeren aan het casco te waarborgen, stelt de vereniging een veiligheidscommissie met minimaal drie leden in die voor het begin van de werkzaamheden toestemming moeten verlenen.

1.4.      voor de administratie van de zelfwerkzaamheidsuren kiest de vereniging uit haar midden een lid. De afrekening van de uren geschiedt per vastgestelde (onderhouds)klus. Halverwege en aan het eind van elke onderhoudsklus, maar minimaal eens per half jaar, wordt op een algemene ledenvergadering een overzicht gepresenteerd.

 

ZELFWERKZAAMHEID

2.1.      voor de organisatie van de vereniging, het onderhoud aan de woningen en werkzaamheden in het gemeenschappelijke pand 96 moet het lid per aandeel gemiddeld 2 uur per week beschikbaar stellen als zelfwerkzaamheid.

2.2.      op een algemene ledenvergadering kunnen de gemiddelde zelfwerkzaaniheidsuren aan de behoefte worden aangepast (voor een noodklus zou bij voorbeeld tijdelijk iets meer gewerkt moeten kunnen worden en na voltooiing van het verbeteringsplan minder).

2.3.      op een algemene ledenvergadering kunnen nieuwe taken voor de zelfwerkzaamheid toegevoegd en oude eventueel verwijderd worden.

2.4.      Voor alle door de vereniging vastgestelde bestuurstaken mag het lid voor de duur van de bestuursfunctie gemiddeld 2 uur per week als zelfwerkzaamheid declareren.  Er wordt geen administratie van de feitelijk gewerkte uren gevoerd, maar het lid kan automatisch de zelfwerkzaamheid voor een aandeel afschrijven.

2.5.      bij alle andere zelfwerkzaamheden wordt uitgegaan van feitelijk gewerkte uren tenzij de vergadering er uitdrukkelijk anders over beslist.

2.6.      teveel gewerkte uren kunnen onderling worden verrekend of bij een nieuwe klus in mindering worden gebracht.  Voor leden met nog openstaande zelfwerkzaamheidsuren worden resttaken per klus vastgesteld die nog moeten worden uitgevoerd.  De onderhoudsploeg legt een voorstel voor de resttaken ter goedkeuring voor aan de ledenvergadering.

2.7.      blijft het lid bij de uitvoering van de resttaken in gebreke worden de voor deze taak gerekende uren bij het lid in rekening gebracht, uitgaande van fl 20,- per uur.

 

3        ONDERHOUD WONINGEN

 

3.1          ALGEMENE RICHTLIJNEN ONDERHOUD EN REPARATIES DOOR VERENIGING

3.1.1.      de vereniging verplicht zich tot het wegwerken van achterstallig onderhoud door het zogenaamde verbeteringsplan en het plegen van regulier onderhoud gedurende de aankomende 15 jaar op basis van het huidige kwaliteitsniveau bij de onder haar verantwoording vallende onderhoudstaken zoals die genoemd staan in artikel 8 van de Aandelenovereenkomst.

3.1.2.      de vereniging streeft naar zoveel mogelijk gebruik van tweedehands materialen bij de uit te voeren reparaties.

3.1.3.      de vereniging verplicht zich reparaties zorgvuldig en veilig uit te voeren en maakt daarbij maximaal gebruik van zelfwerkzaamheid van haar leden.

3.1.4.      het bestuur stelt jaarlijks samen met de onderhoudsploeg(en) een onderhoudsplan op, gespecificeerd en begroot naar (zelf)werkzaamheden van haar leden en aan aannemers uit te besteden werkzaamheden. Dit onderhoudsplan maakt deel uit van het algemene verbeteringsplan zoals dit bij de opstalovereenkomst met de gemeente Rotterdam is vastgesteld. Het onderhoudsplan dient als deel van de exploitatierekening jaarlijks op een algemene ledenvergadering besproken en goedgekeurd te worden.

 

4.1          RICHTLIJNEN ONDERHOUD EN REPARATIES TIJDENS VERBETERINGSPLAN

4.1.1.      voor reparaties aan de buitenkant van de panden (schilderwerk, deuren, ramen incl. kozijnen, tuintrappen, balkons, met borstwering) die onder de verantwoordelijkheid van het individuele lid vallen (artikel 2.6 Aandelenovereenkomst), kan het lid tijdens de uitvoering van het verbeteringsplan gebruik maken van materiaal en technische ondersteuning van de vereniging. De gewerkte uren kunnen als zelfwerkzaamheid worden gedeclareerd. Het individuele lid dient hierover overleg te voeren met de desbetreffende onderhoudscommissie.

 

5.1.        RICHTLIJNEN ONDERHOUD,REPARATIES EN WONINGVERBETERINGEN          DOOR LEDEN NA VOLTOOIING VERBETERINGSPLAN

5.1.1.     elk lid dient de onderhoudstaken zoals die vermeld staan in artikel 2 lid 6 van de

              Aandelenovereenkomst zorgvuldig en veilig uit te voeren.

5.1.2.      voor alle veranderingen die het lid aan wil brengen aan het casco (voor-, achtergevel, dak, bouwmuren, vloeren) moet van tevoren toestemming van de veiligheidscommissie worden gevraagd.

5.1.3.      indien het lid bij reparaties die onder de verantwoordelijkheid van de vereniging vallen een hoger kwaliteitsniveau wil (b.v. een groot dakraam i.p.v. een gewoon dakluik) vergoed de vereniging de materiaalkosten voor de standaardreparatie uitgaande van de nieuwwaarde, maar nooit meer dan de door het lid feitelijk gemaakte kosten.

5.1.4.      interne woningverbeteringen gebeuren op initiatief van het individuele lid.  Bij opzeggen van het lidmaatschap vindt geen vergoeding vanuit de vereniging plaats

 

3.3.        FUNDERING

3.3.1.     de vereniging draagt de verantwoordelijkheid voor de fundering van voorgevel, achtergevel en de bouwmuren. De vereniging verplicht zich de funderingen gedurende de 15 jaar in een veilige staat te houden.

3.3.2.     het individuele lid is verplicht scheurvorming of andere gegevens die op een funderingsprobleem duiden aan het verenigingsbestuur te melden.

3.3.3.     de vereniging besluit in overleg met een funderingsbedrijf over de te nemen maatregelen

 

3.4.         VOORGEVEL EN ACHTERGEVEL

3.4.1.      de vereniging draagt de verantwoordelijkheid voor zaken die betrekking hebben op het metselwerk van de voor- en achtergevel. Daaronder valt het repareren van eventuele scheuren, herstel en onderhoud van het voegwerk.

3.4.2.      het individuele lid draagt de verantwoordelijkheid voor het onderhoud aan dorpels, ramen, raamkozijnen, voordeuren, tuindeuren, tuintrappen en het schilderwerk van de gehele voor- en achtergevel. Indien meerdere leden een gezamenlijke voor- en achtergevel hebben, dienen zij zelf onderlinge afspraken over de taakverdeling te maken.

 

3.5.          DAK

3.5.1.        de vereniging draagt de verantwoordelijkheid voor onderhoud en reparaties van dakpannen, nok- en zijvorsten, schoorstenen, standaard dakramen, dakgoten en de hemelwaterafvoer buiten het privé-gedeelte.

3.5.2.        het individuele lid is verplicht tot het schoonhouden van de dakgoten.  De individuele leden, die een dakgoot delen, dienen hierover zelf afspraken te maken over het schoon houden.  De individuele leden die een dakgoot delen zijn gezamenlijk aansprakelijk voor eventuele waterschade die aantoonbaar als gevolg van verstopping door bladeren en vuil is ontstaan.

 

3.6.           KRUIPRUIMTE

3.6.1.        de vereniging draagt de verantwoordelijkheid voor onderhoud en reparaties van het riool vanaf de kruipruimte tot aan de aansluiting op het hoofdriool.

 

3.7         WONING VANAF DE VOORDEUR

3.7.1.      het individuele lid is verantwoordelijk voor alle zaken aangaande onderhoud en reparaties in de woning.

3.7.2.      het individuele lid is verantwoordelijk voor het schoon en toegankelijk houden van de kruipruimte.

 

3.8.        TUIN

3.8.1.      het individuele lid is verplicht zijn of haar tuin zodanig te behandelen dat het niet in strijd is met de bepalingen van bouw- en woningtoezicht.